7402
stemmen voor
De Vergeten Oplossing
“Het doel is een schone, duurzame economie te bereiken binnen één generatie, door over te stappen op échte, eerlijke prijzen: ecoprijzen.”
Opvallend nieuws geplaatst in het perspectief en de visie van De vergeten oplossing. Nieuwsberichten aangevuld met een fictieve twist, gericht op een duurzame toekomst.
Steeds meer wereldsteden kampen met ernstige smog. De toegestane grens van fijnstof in de lucht wordt regelmatig gepasseerd in Italiaanse steden als Milaan, Napels, Turijn en Rome. Recent werd een dagenlang rijverbod voor motorvoertuigen ingesteld. Ook mocht de verwarming in huizen niet hoger dan 18 graden worden gezet. Ook in China kondigden de autoriteiten de hoogste alarmfase af voor de grote hoeveelheid smog in Peking. Scholen moesten dicht blijven en bouwwerkzaamheden werden stil gelegd. Tijdens de kerst werd een deel van de vluchten geschrapt omdat dikke smog het luchtvaartverkeer belemmert. Kinderen en ouderen werd geadviseerd binnen te blijven. Volgens functionarissen zijn het lapmaatregelen en is het hoog tijd dat er een heffing komt op uitstoten en vervuilen. De enige manier om de luchtvervuiling terug te dringen is om de vervuilers te belasten voor de gevolgen van hun uitstoot. Dit werkt als een effectieve prikkel om te investeren in schoon vervoer en een schone energievoorziening.
‘De enige manier om de smog terug te dringen is de vervuilers te belasten voor de gevolgen van hun uitstoot.’
De klimaattop in Parijs die bijna ten einde is inspireert de media. De Volkskrant kopt: Waarom voeren we geen CO2-belasting in? Dit biedt een effectieve oplossing voor de klimaatcrisis. Het is simpel en werkzaam: wie broeikasgas wil uitstoten moet ervoor betalen. Liefst fors, dan gaat de uitstoot vanzelf naar beneden. De NRC-krant kopt even later: Vervuilen is nu nog heel goedkoop! Volgens NRC kan het laten betalen door de vervuiler voor CO2-uitstoot de oplossing zijn voor het klimaatprobleem, mits alle landen meedoen. Beide kranten spreken van de ‘oplossing’. Het is De Vergeten Oplossing. Want natuurlijk werkt het: laat de vervuiler opdraaien voor de werkelijke kosten van zijn vervuiling, dan gaat hij pas echt werk maken van het terugdringen van zijn vervuiling. Dáárover zou de klimaattop moeten gaan. Ten eerste een prijs afspreken van minimaal € 100 per ton CO2 uitstoot. Ten tweede deze wereldwijd invoeren. Als dit het klimaatakkoord wordt, kan de economie alle middelen mobiliseren die nodig zijn voor de transitie naar een koolstofarme economie.
‘Komt het in Parijs tot een wereldwijde, serieuze en vaste CO2-belasting, dan is de klimaattop geslaagd.’
Sinds de negentiger jaren hebben veel elektrische apparaten een energielabel. Aanvankelijk ging het om de letters A (zuinig) tot en met G (niet-zuinig). Ten opzichte van de talloze andere milieukeurmerken en labels die er bestaan, is het energielabel succesvol gebleken. De kracht zit in de eenvoud. Wat vooral telt, is dat het energielabel tevens een maat is voor de energiekosten van een apparaat. Met een zuinige koelkast, magnetron of televisie, zelfs als die duurder is in aanschaf, ben je uiteindelijk toch goedkoper uit. Het blijkt dat vooral de financiële prikkel mensen aanzet tot een keuze die beter is voor het milieu. Omdat er steeds minder apparaten verkrijgbaar zijn met niet-zuinige labels zijn de categorieën A+, A++ en A+++ toegevoegd. Doordat dit echter te vaak tot verwarring leidt, zal er een her-labelling plaatsvinden. De Europese Raad van ministers van Economische Zaken heeft besloten dat vanaf 2017 alleen nog letters van A tot G gebruikt worden.
‘Het blijkt dat vooral de financiële prikkel mensen aanzet tot een keuze die beter is voor het milieu.’
Volgens het Europese Hof zijn er veel te veel emissierechten gratis uitgedeeld aan de Nederlandse petrochemische industrie. Hierdoor worden bedrijven als Shell, AkzoNobel en Tata Steel door het Europese emissiehandelssysteem (ETS) nauwelijks gestimuleerd tot energiebesparing en het terugdringen van hun uitstoot van broeikasgassen. Bedrijven kunnen uitstootrechten die ze niet nodig hebben verkopen aan bedrijven die ze tekort komen. Doordat er echter teveel uitstootrechten in omloop zijn, ontbreekt er vraag naar en is de prijs van de rechten laag, minder dan € 10 per ton CO2-uitstoot. Hierdoor ontbreken prikkels om de uitstoot terug te dringen. Behalve het Hof constateren ook milieuorganisaties dat het ETS niet werkt. Wat nodig is: géén gratis verstrekking meer en een bindende prijs voor de uitstootrechten. Met een prijs die de opmaat vormt voor € 100 per ton CO2-uitstoot, zullen bedrijven wel werk gaan maken van het terugdringen van hun uitstoot.
‘Met een bindende CO2-prijs richting € 100 per ton uitstoot, zullen bedrijven wel werk gaan maken van het terugdringen van hun uitstoot.’
Afgelopen week presenteerden de grote oliemaatschappijen forse winstdalingen van 40 tot 70% vanwege de sterk gedaalde olieprijs. Tegelijk deden zij flinke afboekingen op hun projecten en olie- en gasvoorraden. In het laatste jaar is de term ‘Carbon Bubble’ steeds meer in gebruik geraakt. Daarmee wordt de luchtbel bedoeld van opgepompte waarde van olie- en gasvoorraden die oliemaatschappijen als bezitting op hun balans hebben gezet. Duidelijk werd dat fossiele brandstofbedrijven overgewaardeerd zijn, omdat een groot deel van deze voorraden waardeloos zullen blijken (ook wel aangeduid als ‘stranded assets’). Door ze af te boeken lijden zij hierop grote verliezen. Een voorbeeld is Shell dat deze week in totaal meer dan 8 miljard dollar afboekte op schaliegas in de VS, teerzand in Canada en boringen in Alaska. Het topje van de ijsberg die Carbon Bubble heet wordt nu daadwerkelijk zichtbaar. Dit zal nog sterker worden als oliebedrijven beperkingen krijgen opgelegd wanneer CO2-uitstoot serieus begrensd en beprijsd gaat worden.
‘Het topje van de ijsberg die Carbon Bubble heet wordt nu daadwerkelijk zichtbaar.’
Nederlands grootste belegger en een van de grootste in Europa, gaat 30 miljard euro extra investeren in duurzaamheid, schone energie en maatschappelijk verantwoorde beleggingen. Het fonds trekt zich terug uit ongeveer 1.500 beursgenoteerde bedrijven die op duurzaamheid onvoldoende presteren. Bedrijven met grote belangen in steenkolenmijnen en de minst duurzame oliemaatschappijen gaan als eerste van de hand. Dergelijke bedrijven vormen een steeds groter risico voor beleggers. Ze zorgen voor enorme vervuiling en milieuschade en het risico wordt steeds groter dat ze in de toekomst de rekening daarvoor gaan betalen. Dit geldt eveneens voor bedrijven in andere sectoren met grote vervuiling, uitstoot en natuurschade. Een bedrijf dat in aanmerking wil komen als belegging zal aantoonbaar moeten investeren in zijn verduurzaming. Het signaal dat grote belegger ABP afgeeft zet de toon voor de sector en zal volgens ingewijden spoedig navolging krijgen bij andere investeerders.
‘Het risico wordt steeds groter dat deze vervuilers in de toekomst de rekening daarvoor gaan betalen.’
Shell stopt met boringen naar olie en gas in de zeebodem bij Alaska in het Noordpoolgebied. Dat maakte het concern vandaag bekend. Volgens Shell vielen de resultaten van de proefboringen tegen. Ook ziet Shell een risico in de hoge kosten en de strenge regelgeving die komen kijken bij olieboringen bij de Noordpool. De oliebron zal worden afgesloten en verlaten. Ook zal het bedrijf forse afschrijvingen doen op zijn bezittingen bij het poolgebied die nog voor 3 miljard dollar op de balans staan. Volgens het hoofd externe communicatie bij Shell speelde de druk vanuit de maatschappij een belangrijke rol bij de beslissing. De oliewinning in het Noordpoolgebied bleek sterk omstreden. Het leidde tot negatieve publiciteit en oproepen om niet langer te tanken bij Shell. Daarnaast voorziet Shell hoge toekomstige kosten om milieuschade op te ruimen. Shell zal vaker andere besluiten nemen nu zij inziet dat zij moet opdraaien voor de door haar veroorzaakte milieuschade.
‘Shell zal vaker andere besluiten nemen nu zij inziet dat zij moet opdraaien voor de door haar veroorzaakte milieuschade.’
De BBC-onthullingen afgelopen week over misstanden op theeplantages waar Unilever thee inkoopt, waren pijnlijk voor het bedrijf. Terwijl Unilever zich de absolute voorvechter toont van duurzaamheid en wereldverbetering door bedrijven, wordt het geplaagd door onthullingen over misstanden. Zo klaagden consumenten het bedrijf aan toen ‘natuurlijke’ shampoos vol bleken te zitten met synthetische ingrediënten. In India was er oproer omdat Unilever vervuilde grond bij één van zijn fabrieken weigert op te ruimen. Volgens de topman van Unilever zijn duurzaamheid nastreven en geld verdienen geen conflicterende bezigheden en doet het bedrijf beide. De praktijk blijkt weerbarstiger en dat maakt het bedrijf extra kwetsbaar wanneer iets misgaat. Unilevers goede intentie ten spijt, staat duurzaamheid nastreven vaak wel haaks op geld verdienen. Zolang er nog geen sprake is van ecoprijzen, hebben bedrijven met onduurzame activiteiten de laagste kosten en blijven zij het succesvolst. Ook Unilever heeft daarmee te maken.
‘Zolang er nog geen sprake is van ecoprijzen staat duurzaamheid nastreven vaak haaks op geld verdienen.’
Duurzame supermarkten groeien sneller dan reguliere supermarkten. Toch blijft hun marktaandeel met 3 % beperkt. De vraag is hoe groot de niche waarin zij opereren uiteindelijk kan worden. Duurzame en biologische supers richten zich op klanten die het belangrijk vinden dat de producten een eerlijke herkomst hebben en dat bij de productie ervan rekening is gehouden met het milieu. Volgens de directeur van Ekoplaza, dat ruim zeventig filialen heeft, houdt netjes omgaan met leveranciers en het milieu nu eenmaal in dat de kosten hoger zijn, waardoor de prijzen onvermijdelijk hoger liggen dan in reguliere supermarkten. Ondanks een trouwe schare van klanten, weet de grote massa de duurzame super daardoor nog niet te vinden. Volgens retaildeskundige Moers zorgt de hogere prijs ervoor dat de groei van duurzame supers beperkt zal blijven. In een ongelijk speelveld blijft de markt voor producten met eerlijke prijzen beperkt.
‘In een ongelijk speelveld blijft de markt voor producten met eerlijke prijzen beperkt.’
Bij steeds meer beleggers dringt het door dat een waardedaling van fossiele brandstoffen bedrijven aanstaande is. Zoals in het boek DE VERGETEN OPLOSSING (2014) voorspeld trekken grote beleggers zich uit de sector terug. De malaise op de olie-, gas- en steenkoolmarkten berust op overaanbod dat mede het gevolg is van de toenemende hoeveelheid energie uit duurzame
energiebronnen. Dit wordt nog eens versterkt door een groeiend draagvlak voor een strenger klimaatbeleid, daar fossiele brandstoffen wereldwijd een enorme uitstoot van broeikasgassen veroorzaken. Tegelijk gaan er steeds meer stemmen op om een einde te maken aan de miljarden verslindende subsidies voor fossiele brandstoffen, aldus een rapport van het IMF. Volgens het IMF verliezen topmanagers van oliemaatschappijen die weigeren te investeren in duurzame energie hun geloofwaardigheid. ‘De maatschappij accepteert niet langer de immense kosten van milieuschade van fossiele energie nu duurzame energie volwaardige alternatieven biedt.’
‘De immense kosten van milieuschade van fossiele energie zijn onacceptabel geworden nu duurzame energie volwaardige alternatieven biedt.’