7402
stemmen voor
De Vergeten Oplossing
“Het doel is een schone, duurzame economie te bereiken binnen één generatie, door over te stappen op échte, eerlijke prijzen: ecoprijzen.”
Opvallend nieuws geplaatst in het perspectief en de visie van De vergeten oplossing. Nieuwsberichten aangevuld met een fictieve twist, gericht op een duurzame toekomst.
In de investeerderswereld begint het door te dringen dat klimaatverandering en het klimaatakkoord van afgelopen december grote gevolgen zal hebben voor het bedrijfsleven. Volgens economen moet de wereld zich voorbereiden op het inprijzen van de kosten voor het milieu die bedrijfsactiviteiten veroorzaken. Men verwacht dat een belasting op CO2-uitstoot onvermijdelijk is. Volgens Feike Sijbesma, CEO van multinational DSM, rekent het bedrijf bij investeringsbeslissingen intern nu al met een koolstofbelasting van 50 dollar per ton CO2 uitstoot. ‘We moeten ons voorbereiden op een CO2-arme toekomst. Een prijs op CO2-uitstoot verdeelt het bedrijfsleven in winnaars en verliezers,’ aldus de topman. Het is tijd voor bedrijven om een keuze te maken tot welk kamp ze willen behoren.
‘Een prijs op CO2-uitstoot verdeelt het bedrijfsleven in winnaars en verliezers.’
Terwijl door de bevolkingsgroei en uitdijende steden de vraag naar water exponentieel groeit, neemt de beschikbaarheid van schoon water af. Naast klimaatverandering die zorgt voor hogere temperaturen en droogte, is vooral slecht waterbeleid de oorzaak. In veel landen leidt de lage prijs voor water tot nodeloze vervuiling en verspilling. Door oude en lekke leidingen en slecht doordacht prijsbeleid gaat in sommige landen maar liefst twee derde van het water verloren. “Landen moeten beleid maken dat helpt om duurzaam met water om te gaan,” zegt Wereldbankpresident Jim Yong Kim. Hij pleit voor de invoering van ecoprijzen om efficiënt gebruik van water te stimuleren. “Doen we dit niet dan leidt waterschaarste in de komende decennia tot hogere voedselprijzen, honger, steeds meer migratie en ernstige conflicten.”
‘Zonder prikkels om efficiënt gebruik van water te stimuleren dreigt ernstige waterschaarste.’
De aanwezige wereldleiders op de klimaattop in Parijs eind 2016 noemden het akkoord een doorbraak en een historisch moment. Afgelopen week werd het akkoord in New York ondertekend door 170 landen. Maar een handtekening verplicht tot niets. Het akkoord moet ook nog door ieder land geratificeerd worden, vastgelegd in wettelijke afspraken. Het treedt pas in werking als 55 landen, die samen verantwoordelijk zijn voor 55 procent van de totale broeikasgasuitstoot in de wereld, het verdrag geratificeerd hebben. Dit kan zo maar tien of twintig jaar duren. Volgens Carbon Pricing Panel, een initiatief van het IMF en de Wereldbank, hebben we die tijd niet en moet in 4 jaar tijd een kwart van de wereldwijde CO2 uitstoot belast zijn. En over tien jaar moet de helft van alle uitstoot een prijs hebben. ‘Er is een groeiend besef dat het onvermijdelijk is om een prijs te plakken op de CO2 uitstoot’, zegt directeur Jim Yong Kim van de Wereldbank. ‘Zo kan hernieuwbare energie snel goedkoper worden dan de brandstoffen die onze planeet vervuilen.’ Momenteel plakken 40 landen en 23 steden, staten en regio’s een prijs op de CO2 uitstoot, aldus de Wereldbank. Daarmee wordt er belasting geheven op zo’n 7 miljard ton – of zo’n 12% van de emissies – van dit broeikasgas. Dat is drie keer zoveel als tien jaar geleden.
‘Er is een groeiend besef dat het onvermijdelijk is om een prijs te plakken op de CO2 uitstoot’
Financiële beleggers laten steeds vaker aandelen links liggen van bedrijven die maatschappelijk ongewenst gedrag vertonen. Terecht, want door daarin te beleggen lopen zij een substantieel neerwaarts koersrisico. Dit werd opnieuw duidelijk met de recente onthullingen over betrokkenheid van bedrijven bij belastingontduiking. Ondernemingen die de maatschappij willens en wetens benadelen door betrokkenheid bij corruptie (rond een Nigeriaans olieveld), CO2-uitstoot (olie- en gasmaatschappijen), vervuiling van het milieu (bepaalde chemiebedrijven) of belastingontwijking (tal van concerns) zullen steeds vaker aangepakt worden op hun gedrag. Bovendien lopen zij het risico op klantverlies, imagoafbreuk, juridische claims en schadebetalingen. In een wereld die steeds transparanter wordt is alleen verantwoord gedrag nog verantwoord.
‘In een wereld die steeds transparanter wordt is alleen verantwoord gedrag nog verantwoord.’
Met een klimaatakkoord op zak wordt het nu tijd in actie te komen. Steeds vaker roepen ook bedrijven op tot actie, met name diegenen die direct aan consumenten leveren. Een voorbeeld is Ben & Jerry’s, het Amerikaanse merk voor consumptie-ijs. Volgens het bedrijf heeft klimaatverandering dramatische ecologische en sociale gevolgen en worden mensen in arme landen het meest geraakt door de vervuiling en uitstoot die in de afgelopen eeuwen door de rijke landen is veroorzaakt. Volgens Ben & Jerry’s vereist klimaatrechtvaardigheid dat de rijke landen zo snel mogelijk overstappen van fossiele op duurzame energie, gestimuleerd door een forse prijs op CO2-uitstoot. Rijke landen moeten niet alleen betalen, maar ook arme landen helpen bij het investeren in duurzame energiebronnen.
‘Rijke landen moeten betalen en arme landen helpen met investeren in verduurzamen.’
Bedrijven moeten betalen voor de klimaatschade die zij veroorzaken. Daarvoor pleit De Nederlandsche Bank (DNB) in haar nieuwste rapport. Op dit moment ontbreekt het in de industrie aan financiële prikkels voor ondernemingen om hun energieverbruik en daarmee hun uitstoot van het broeikasgas CO2 terug te dringen. Na het in december gesloten klimaatakkoord van Parijs is het volgens DNB echter niet meer de vraag of, maar hoe de overgang van fossiel naar duurzaam gemaakt moet worden. De afschaffing van kortingen op energiebelasting voor grootverbruikers is de eerste stap. Volgens DNB moet dit gevolgd worden door het belasten van CO2 om de uitstoot terug te dringen. Om te voorkomen dat een ongelijk speelveld ontstaat moeten daarover Europese afspraken worden gemaakt, stelt het DNB, verwijzend naar De Vergeten Oplossing.
‘Het ontbreekt in de industrie aan financiële prikkels om uitstoot van broeikasgas terug te dringen.’
Jarenlang konden ze olie en gas oppompen maar nu zijn de velden leeg. Boorplatforms raken buiten gebruik en moeten gesloopt worden. Alleen al in de Noordzee gaat het om meer dan 400 in onbruik geraakte platforms. Dit kost vele miljarden euro’s. Miljarden die oliebedrijven liever aan investeringen en dividend besteden. Ze wachten er daarom zo lang mogelijk mee. Toch zijn ze het wettelijk verplicht. Logisch natuurlijk, de vervuiler betaalt. Zo werd ook een Spaans mijnbouwbedrijf onlangs verplicht om door haar gecreëerde bergen zoutafval op te ruimen en de schade aan het milieu te herstellen. De operatie kost honderden miljoenen euro’s. Volgens het tegenstribbelende bedrijf gaat dit ten koste van banen. Maar daar komt het niet mee weg. Miljarden verdienen en dan de vervuiling op anderen afschuiven. Dat kan niet meer.
‘Miljarden verdienen en de vervuiling op anderen afschuiven kan niet meer.’
De stilte aan het klimaatfront is doorbroken, twee maanden na de conferentie van Parijs – door een Nederlands initiatief nog wel. Volgens staatssecretaris van Milieu Dijksma moeten bedrijven gaan betalen voor het uitstoten van broeikasgas (carbon pricing). ‘Dit legt de verborgen kosten van klimaatverandering neer bij de bron,’ aldus Dijksma. ‘Het is ook de manier om te zorgen dat bedrijven zo snel mogelijk afstappen van fossiele brandstoffen en investeren in duurzame energie. Je kunt wachten op de moraliteit van de markt, maar prijsprikkels werken meestal beter.’ Zou Nederland als tijdelijk voorzitter van de EU dit van de grond krijgen? Het zou een doorbraak zijn van groot formaat. Volgens Dijksma is het, na het lezen van DE VERGETEN OPLOSSING duidelijk: het wereldwijd introduceren van een prijs voor CO2 is de sleutel voor het klimaatprobleem.
‘De sleutel voor het klimaatprobleem is het wereldwijd introduceren van een prijs voor CO2.’
De ‘cleantech’sector is al jaren een verzamelnaam voor bedrijven die met hun producten en diensten bijdragen aan het verduurzamen van de bouw, het transport en de energie- en afvalsector. Terwijl de omvang van de wereldmarkt voor cleantech wordt geschat op meer dan 4.400 miljard euro, blijkt dat veel bedrijven het moeilijk hebben. Fondsen voor beleggingen in cleantech lieten teleurstellende resultaten zien en grote bedrijven gingen failliet. Natuurlijk hebben ze de wind mee dankzij het klimaatakkoord, maar daarmee is succes nog niet verzekerd. Bedrijven die investeren in verduurzaming moeten nog steeds opboksen tegen gevestigde bedrijven die een gunstiger kostenstructuur hebben omdat ze niet hoeven te betalen voor hun vervuilingskosten. Dit remt de innovatie. Volgens onderzoeksbureau McKinsey is de invoering van ecoprijzen cruciaal. Zonder ecoprijzen is geld verdienen aan duurzaamheid een enorme uitdaging.
‘Zonder ecoprijzen is geld verdienen aan duurzaamheid een enorme uitdaging.’
Nederlandse winkeliers mogen niet langer gratis plastic tassen verstrekken. Alleen al in Nederland werden jaarlijks 3 miljard (!) tassen gebruikt. Voor het overgrote deel ging het om flinterdunne weggooitasjes. Behalve tot pure verspilling van grondstoffen leidde dit ook tot veel zwerfvuil. Overal vinden we resten van de tassen op straat, in het water, in bossen en op zee. Waarom zouden we stoppen met iets dat ons -ogenschijnlijk- toch niets kost? Daaraan komt nu een einde. Plastic tassen mogen enkel nog verstrekt worden tegen betaling van € 0,10 tot € 0,25. De eerste ervaringen laten al zien dat het werkt. Veel meer mensen komen nu met hun boodschappentas of een gebruikte plastic tas naar de winkel. Mensen veranderen hun gedrag waardoor het tasjesgebruik drastisch afneemt. Steeds weer blijken financiële prikkels effectief te zijn.
‘Steeds weer blijken financiële prikkels effectief te zijn voor gedragsverandering.’